Hoogsensitief kind

Met deze 11 bewezen verschillen én overeenkomsten tussen een kind met autisme en een hoogsensitief kind begrijp jij jouw kind beter

11 bewezen verschillen én overeenkomsten tussen een kind met autisme en een hoogsensitief kind

Je herkent je kind in het hoogsensitieve kind. Maar als je over autisme leest en hoort, lijkt je kind hier ook kenmerken van te hebben. Maar het kan toch niet beide zijn? Dus, hoe zit dat? Ik geef je duidelijkheid zodat je verder kunt. Want het maakt uit voor de manier waarop jij je kind opvoedt.🙌

Het lijkt zo op elkaar

In de 15 jaar dat ik ouders en kinderen begeleid merk ik dat er veel verwarring is tussen autisme en hoogsensitiviteit bij kinderen.

Ik ga je laten zien dat hoewel het gedrag vaak overeenkomt, de oorzaak ervan verschilt.

En omdat ik het belangrijk vind dat je écht wat hebt aan dit artikel ga ik je heel veel waardevolle content geven.

Maar ik begrijp het ook als je weinig tijd hebt.

Dus ik doe het zo: ik begin met een samenvatting. En als je daarna meer te weten wil komen over je kind, dan gaan we samen de diepte in🤿

Daar gaan we😉

Samenvatting overeenkomsten en verschillen tussen autisme en hoogsensitiviteit

N.B.: het is niet zo dat je n.a.v. dit artikel kan concluderen dat jouw kind autisme heeft of hoogsensitief is. Hiervoor benader je het beste een therapeut.

Mocht je overigens al meteen een HSP-test voor je kind willen doen, klik dan hier.

Inhoudsopgave

Nieuwsgierig naar meer? Klik dan op het onderwerp dat je aandacht trekt of begin gewoon bij het begin 😀

1. Aanvoelen en overnemen van emoties

Weet jij welke overeenkomst in gedrag het meest voor verwarring zorgt?

Dat ze beide opvallend goed sfeer en emoties aanvoelen en het gevoel van de ander kunnen volledig overnemen.

Huh? Dat klopt toch niet? Kinderen met autisme hebben toch juist een gebrekkig inlevingsvermogen? Die zijn toch niet in staat zijn om emoties bij anderen af te lezen?

Dit is een misvatting. Kinderen met autisme hebben wel inlevingsvermogen en kunnen emoties overnemen.

Maar wat ze niet goed kunnen is begrijpen waarom de ander zich zo voelt.

En dat kan een hoogsensitief kind juist wel. Dat kan zowel aanvoelen áls begrijpen waarom een ander zich voelt zoals het zich voelt.

Als we kijken naar het overnemen van gevoelens van een ander, wat je bij beide type kinderen in sterke mate kan tegenkomen, zien we ook een groot verschil.

Dat zit zo. Een kind met autisme leeft zich in in de ander zoals een baby dit doet. Dit heeft met de emotionele ontwikkeling te maken.

Pas vanaf ongeveer 1 jaar begint een kind een eigen ik te ontwikkelen en komt er onderscheid tussen ik en de ander. Tot die tijd is een baby een verlengstuk meer van de opvoeder. Het kind gaat volledig op in de emotie van de opvoeder.

Bij een kind met autisme zien we soms dat het, als het ware, een verlengstuk van de opvoeder blijft. Ook op latere leeftijd zie je bijvoorbeeld dat deze kinderen in de stress raken als moeder gehaast is en gaan huilen als andere kinderen huilen.

Ze ontwikkelen geen duidelijke eigen ik, maar blijven één met de opvoeder.

Is je kind echter hoogsensitief, dan verloopt de emotionele ontwikkeling veelal volgens het boekje. (Zo niet sneller)

Het kind is heel opmerkzaam en kan emoties van de opvoeders en anderen overnemen. Maar waar het bij een kind met autisme voortkomt uit de veel jongere emotionele ontwikkeling, heeft het bij dit kind te maken met de activiteit van spiegelneuronen in het brein.

Beide type kinderen voelen dus aan wat er speelt en nemen gevoelens van de ander over. Maar het zit wél ietsje anders in elkaar 😉

2. Niet kunnen kiezen, lang over beslissingen doen

Een tweede overeenkomst in gedrag waar ik het met je over ga hebben gaat over het maken van keuzes. Hoe zit dat bij jouw kind?

Een hoogsensitief kind heeft moeite met het maken van keuzes omdat het geen fouten wil maken. Het wil een keuze maken die ook rekening houdt met de (voor hem) belangrijke mensen in zijn omgeving.

Een hoogsensitief kind is dan ook gericht op de ander, op wat de ander wil.

Het maken van ‘de beste keuze’ kost tijd. Want hoe weet je immers weke keuze het beste is? En hoe voorkom je dat je een fout gaat maken en dat iemand boos op je wordt?⌚❓

Heeft jouw kind echter autisme, dan heeft het niet kunnen kiezen een hele andere reden.

Om te kunnen kiezen moet je weten welke informatie belangrijk is en welke niet. Ons brein houdt hier rekening mee en geeft alle informatie die het binnenkrijgt een label mee: belangrijk of niet belangrijk.

Het brein van een kind met autisme is hierin anders. Het maakt weinig onderscheid tussen verschillende soorten informatie. Soms geeft het verkeerde labels af en veel informatie krijgt hetzelfde label mee: allemaal net zo belangrijk.

Niet gek dus dat een kind met autisme de keuze graag aan jou overlaat of er van in de stress schiet.

Beide kinderen vinden keuzes maken dus moeilijk. Maar de één omdat het geen fouten wil maken en omdat het wil dat iedereen tevreden is. De ander omdat het niet weet wat belangrijk is.

3. In de stress door wat er wordt gezegd

Een andere overeenkomst in gedrag gaat over hoe beide type kinderen reageren op wat er gezegd wordt.

Wat denkt jouw kind bijvoorbeeld als de meester zegt dat je nog even door moet werken? Denkt het dan dat hij bedoelt dat het niet hard genoeg doorwerkt?

En welke betekenis geeft het als een vriendje lacht als jouw kind zich verslikt in zijn eten? Ziet jouw kind dit als hét bewijs dat dit vriendje hem niet meer leuk vindt?

✅Herkenbaar? Welkom in de wereld van het hoogsensitieve kind én het kind met autisme! Want beide type kinderen kunnen veel stress ervaren door wat er wordt gezegd door een ander.

Maar ook hier geldt weer: er speelt een andere oorzaak.

Een hoogsensitief begrijpt (non) verbale communicatie doorgaans heel goed. Het brein pikt deze informatie uitstekend op en kan hier een goede betekenis aangeven.

Maar het is de gevoeligheid voor afwijzing die roet in het eten gooit, waardoor signalen verkeerd opgepakt worden.

Ze willen zo graag aan de verwachtingen van anderen voldoen, maar ze zijn bang om hierin te falen. Ze zien al gauw afwijzing waar dit niet het geval is.

Je kind met autisme daarentegen heeft wel moeite met het begrijpen van de (non) verbale communicatie.

Dit komt omdat het brein van een kind met autisme

  • weinig onderscheid maakt tussen verschillende soorten signalen (alles is even belangrijk) en ook
  • informatie een verkeerde betekenis kan geven,
  • moeite heeft om verschillende prikkels met elkaar te combineren én
  • meer tijd nodig heeft om informatie te verwerken

Hierdoor:

  • wordt het heel lastig om precies de juiste informatie op te pikken in het contact met een ander,
  • wordt taal heel letterlijk genomen en
  • worden soms verkeerde conclusies getrokken

En zo gebeurt het dat een kind bijvoorbeeld denkt dat een ruzie altijd zijn schuld is. Ook als hij er niets mee te maken heeft.

Ter vergelijk: een hoogsensitief kind zal ook kunnen denken dat een ruzie altijd zijn schuld is. Maar als zijn kleine broertje van 2 jaar ruzie maakt met papa omdat het zijn pap niet wil opeten, zal het door hebben dat dit niets met hem van doen heeft.

Een kind met autisme kan ook in dit geval denken dat het schuld treft. Want het heeft in het brein de verkeerde koppeling gelegd: ruzie = mijn schuld. Welke ruzie dan ook.

❗Waar een hoogsensitief kind zich dus snel afgewezen voelt doordat het gevoelig is voor afwijzing, gebeurt ditzelfde bij een kind met autisme omdat het brein informatie een verkeerde betekenis geeft.

4. Zo moe na een sociale activiteit

Is jouw kind vaak moe? Bek af na een schooldag en na een afspraak met vriendjes?💤

Bij een kind met autisme ontstaat vermoeidheid omdat het ontzettend veel energie kost om te begrijpen wat anderen bedoelen.👈

Een hoogsensitief kind daarentegen wordt vooral moe van nieuwe situaties en van situaties waar het zich niet zo op zijn gemak voelt.

Het pikt meer prikkels op dan andere kinderen en denkt hier diep over na. Het wil het bovendien goed en aan ieders verwachtingen voldoen. Dit kost energie.👈

Als een hoogsensitief kind met zijn beste vriendje is valt het energieverlies vaak reuze mee. Want dan is het kind gewend, weet het hoe de ander zal reageren en dan gaat spelen en communiceren vaak moeiteloos.

Een kind met autisme daarentegen zal ook nu aan het einde van de afspraak afgedraaid zijn. Het is voor dit kind iedere keer weer hard werken om de prikkels die het krijgt te begrijpen. Dat verandert niet zo veel, dat blijft ingewikkeld.

5. Trager reageren als je iets vraagt

Een 5e overeenkomst is dat er bij beide type kinderen soms vertraging op de lijn zit. Het kan bijvoorbeeld even duren voordat je een reactie krijgt als je iets vraagt.⏳

Waar een hoogsensitief kind het vooral goed wil doen en het beste antwoord wil geven (en hier over nadenkt) is een kind met autisme bezig te snappen wat er gevraagd wordt. In beide gevallen kost dit tijd.

Ook hier dus weer hetzelfde gedrag, maar met een andere oorzaak.

6. Niet opkomen voor zichzelf

Zowel het hoogsensitieve kind als het kind met autisme komt maar moeilijk voor zichzelf op.

Waarom is dit?

Dat komt omdat ‘opkomen voor jezelf’ niet persé een makkelijke vaardigheid is. Om dit te kunnen moet je o.a. kunnen voelen wanneer je iets niet prettig vindt en moet je dapper zijn.💪

Om te kunnen voelen (en daarmee weten) wat je fijn en niet fijn vindt moet je brein contact leggen met je lichaam. Dan kan het registreren of iets oké is aanvoelt of juist niet. Dat lijkt zo makkelijk, maar is het voor een kind met autisme vaak niet.

We zien dat kinderen met autisme

  • sommige prikkels minder goed opmerken en
  • dat ze vertraagd waarnemen (het moet echt even landen) en ook zien we
  • dat bepaalde prikkels heftiger worden waargenomen

Daarnaast ontbreekt het deze kinderen vaak aan oplossingsgerichte vaardigheden. Ze krijgen niet bedacht hoe constructief te reageren als iemand iets doet wat ze niet prettig vinden.

Behalve aanvoelen of je grens wordt overschreden vraagt opkomen voor jezelf ook om dapperheid. Het vereist dat je het aandurft om het risico loopt dat anderen je zullen afwijzen of nog vervelender gaan doen. Hierin schuilt de moeilijkheid voor een hoogsensitief kind.

Dit kind is heel gevoelig voor afwijzing! Dit is een gevoel dat haast niet te dragen is voor het kind en dit wil het kind maar al te graag zien te vermijden.

7. Houden van routines

Doet jouw kind graag dingen op dezelfde manier? Geeft dit jouw kind rust?

Ook dit is weer zo’n mooi voorbeeld waarin je gelijkenissen ziet. Een taak steeds op dezelfde manier doen is rustgevend en zowel een hoogsensitief kind als een kind met autisme vaart hier wel bij.😀😀

Hoe onduidelijker en hoe onveiliger het leven voor een kind is, hoe meer routines een kind ontwikkelt.

Bij kinderen met autisme zijn er echter vaak méér routines en kan er moeilijker van af worden geweken.

Een routine niet door laten gaan geeft bij een kind met autisme sneller paniek. Ze doen graag altijd, iedere dag, iets op dezelfde manier.

8. Niet te veel spontane veranderingen, please

Vind jouw kind het fijn om te weten hoe de dag eruit ziet? 📆📋En maak je het niet blij met een plotse verandering?

Hoe komt het dat je dit bij zowel bij een hoogsensitief kind als een kind met autisme tegenkomt? Ik leg het je uit.

Een hoogsensitief kind heeft meer moeite met schakelen van de ene naar de andere situatie dan een kind dat niet hoogsensitief is.

Dit komt omdat het bij nieuwe informatie gaat nadenken over wat een verandering allemaal inhoudt en wat de nieuwe situatie van hem vraagt.🕵️‍♂️

Dit nadenken kost, zoals ik al eerder aangaf, tijd.

En bij een plotselinge verandering heb je die tijd niet, dan wordt ervan je kind verwacht dat het meteen enthousiast is bijvoorbeeld.

Een andere reden waarom plotselinge veranderingen lastig kunnen worden gevonden heeft te maken met het gegeven dat je kind het goed wil doen. Je kind wil graag voorbereid zijn.

Zo is het dat een nieuwe situatie dan automatisch spannender is, want het weet nog niet goed wat er van hem verwacht wordt en of het daar aan kan voldoen.

Dat nieuwe, dat spannende, dat is voor een hoogsensitief kind niet altijd even aantrekkelijk. Liever houden ze het bij het bekende, dan lopen ze ook geen risico op falen.

Heeft je kind autisme? Zoals je inmiddels wel duidelijk is (hoop ik dan he?) geeft het brein van een kind met autisme niet altijd een goede betekenis aan een prikkel dat het binnenkrijgt.

Hierdoor krijgt het kind een andere werkelijkheid dan wij.

Waar kinderen zonder autisme direct één geheel zien als ze ergens zijn, werkt dat bij een kind met autisme anders.

Een kind zonder autisme weet direct dat het zijn klas binnenstapt of zijn slaapkamer.

Een kind met autisme neemt de wereld waar in stukjes en moet eerst razendsnel een puzzel maken om vervolgens te kunnen concluderen ‘dit is mijn klas’.🧩🧩

Deze puzzel maakt het door een aantal items bij elkaar op te tellen: juf Diana + zwarte bureaustoel + vriend Jasper + inrichting lokaal = mijn klas.

Is de juf onverwacht ziek? Dan kan de puzzel niet gelegd worden, want het puzzelstukje ‘juf Diana’ ontbreekt. En dan kan de som niet gemaakt worden.

Leg je een kind echter uit dat er morgen een andere juf komt en je kan ook een foto van de nieuwe juf laten zien? Perfect! Nu kan het kind met autisme een nieuwe som maken waarbij ‘juf Diana’ wordt vervangen door een nieuwe juf.

Waar beide type kinderen dus niet al te blij worden van veranderingen heeft dit bij hoogsensitiviteit te maken met ‘goed willen doen, niet willen falen’ en bij autisme met het kunnen leggen van de puzzel en zo de wereld te blijven snappen.

9. Reageren vaak gevoelig op zintuiglijke prikkels

Zowel kinderen met autisme als hoogsensitieve kinderen reageren sterk op zintuiglijke prikkels.

Met zintuiglijke prikkels wordt alle informatie bedoelt die via de zintuigen je brein binnenkomen. Zoals bijvoorbeeld tactiele prikkels (deze gaan over aanraken en aangeraakt worden), maar ook auditieve en visuele prikkels.👂👃🤏

Als je naar het gedrag van beide type kinderen kijkt, dan zie je hetzelfde gedrag. Ze hebben beiden liever geen harde spijkerbroek aan hun benen en krimpen van binnen inéén als je je stem verheft.

Toch zijn er wel degelijk verschillen te onderscheiden als het gaat om de verwerking van zintuigelijke prikkels bij kinderen met autisme en kinderen die hoogsensitief zijn.

Je kind met autisme merkt sommige prikkels niet op en andere zijn hem snel te veel

Als je kind autisme heeft zie je vaak dat het niet alleen snel last heeft van geluiden, geuren en smaken, maar dat het tegelijkertijd ook sommige prikkels niet tot nauwelijks opmerkt. Dit laatste zie je vrijwel niet als je kind hoogsensitief is.

Een voorbeeld:

Een kind met autisme beweegt bijvoorbeeld de hele dag door en knoeit steeds met zijn eten. Daarnaast irriteert het zich mateloos aan hoe zijn broertje eet: met veel te veel geluid!

Je ziet dus aan de ene kant dat het kind van bepaalde prikkels niet genoeg kan krijgen en niet voldoende registreert (Bewegingsdrang: het brein heeft er heel veel van nodig voordat ze als ‘genoeg’ worden aangemerkt. Knoeien: prikkels die de informatie geven zodat je leert om niet te knoeien worden onvoldoende geregistreerd door het brein).

En aan de andere kant kan het kind van sommige prikkels maar heel weinig hebben.

Hoe anders is dit bij hoogsensitieve kinderen. We zien wél dat ze snel aan hun tax zitten bij bepaalde prikkels, maar niet dat prikkels niet voldoende door het brein worden opgemerkt.

10. Hebben intense emoties

Herken jij dat je kind intens verdrietig kan zijn? Heel boos kan worden of ineens niet meer benaderbaar is?

Als jouw kind hoogsensitief is, dan is dit vaak heel herkenbaar. Niet persé dat hele boze trouwens, maar wel dat het heel verdrietig kan worden, gestresst en teleurgesteld.

Je ziet dit vaak gebeuren vanwege het diepe verwerken van informatie dat zo kenmerkend is voor een hoogsensitief kind.

Dit houdt in dat een kind goed nadenkt over nieuwe binnengekomen informatie en deze zeker niet zomaar terzijde schuift. Het laat er (on)bewust meteen een risico-analyse op los.

En zodra het niet meteen in het brein herkenningspunten te vinden zijn ontstaat er stress. Dit gebeurt ook als er onprettige herinneringen naar boven komen.💥💥

Stel je voor dat je je kind vertelt dat het is uitgenodigd voor een kinderfeestje waarbij ze naar de schaatsbaan gaan.

Als jouw hoogsensitieve kind nu meteen inschat dat het gaat vallen en dat anderen hem zullen uitlachen, dan zal de emotie die vervolgens ontstaat geen blijheid zijn. Die zal eerder tekenen van verzet, paniek en stress laten zien. Toch?

Bij een kind met autisme echter ontstaan eigenlijk niet persé hele intense emoties. Wat er eerder gebeurt is dat het bij niewe informatie ofwel kalm blijft ofwel overprikkeld raakt. Het is meer zwart-wit dan bij een hoogsensitief kind.

Of het raakt hem niet zo sterk, of het zorgt dus direct voor een ‘crash’ in het brein. En in dat laatste geval zie je dan intense emoties.

11. Zijn snel overprikkeld

In het vorige stukje gaf ik het al aan: kinderen met autisme raken overprikkeld. Dit is ook het geval bij hoogsensitieve kinderen.

📌Een kind dat overprikkeld is wil trouwens zeggen dat het brein van dit kind de prikkels die het binnenkrijgt op dat moment niet verwerkt krijgt. Het kan even niet meer verder met wat het aan het doen is.

Dit is wat anders dan ‘geprikkeld’. Een kind dat geprikkeld is, reageert doorgaans geirriteerd. Een kind dat overprikkeld is sluit zich af van de omgeving of kan niet meer stoppen met huilen. Of het is onbereikbaar boos.

Overprikkeling bij een hoogsensitief kind komt door filevorming in het brein

Een hoogsensitief kind raakt overprikkeld, want:

  • merkt meer prikkels op (en het brein heeft dus meer te verwerken)
  • verwerkt prikkels diepgaand (dit kost tijd)
  • reageert gevoeliger op prikkels (komen harder binnen)

Je zou kunnen zeggen dat er bij deze type kinderen sneller filevorming ontstaat in het brein. Want alle prikkels moeten tijdens het verwerkingsproces door een soort trechter in het brein en die loopt gewoonweg soms over.

Omdat er meer prikkels worden opgemerkt, komen er meer prikkels in de trechter.  En omdat ze minder snel door de trechter heen gaan (want diepgaander verwerkingsproces) krijgt dat brein het niet voor elkaar omdat allemaal snel genoeg te doen.

Je kunt je voorstellen dat er zo gemakkelijk filevorming ontstaat en je kind overprikkeld is.

Hoe overprikkeling bij een kind met autisme ontstaat 

Hoe zit dit als je kind autisme heeft? Waardoor ontstaat dan overprikkeling?

Het is niet zo dat een kind met autisme meer prikkels opmerkt. Wel is het zo dat ze langer de tijd nodig hebben om prikkels te begrijpen. Om de puzzelstukjes aan elkaar te koppelen.

Ze hebben meer tijd nodig om betekenis te kunnen verlenen aan die informatie die binnenkomt. Zeker als er vervolgens snel nieuwe informatie bij komt waarbij iets van ze wordt verwacht ontstaat er al snel een gevoel van druk.

En kortsluiting.

Dat is de overprikkeling.

Waar een hoogsensitief kind snel geprikkeld raakt en af en toe overprikkeld, is een kind met autisme niet alleen snel geprikkeld, maar ook heel snel overprikkeld.

Het is voor een brein van een kind met autisme zoveel moeilijker dan voor een hoogsensitief kind om overzicht te kunnen houden. Er zijn zoveel meer ontbrekende puzzelstukjes en onduidelijkheden dat het brein het al gauw opgeeft.

En nu dan?

Zo, we zijn er! Wat mooi dat je helemaal met me mee bent gegaan👍

Ik hoop dat ik je meer dan genoeg informatie heb gegeven om verder te kunnen.

Tegelijkertijd is ieder kind een puzzel en heeft het een eigen handleiding. Dus ik begrijp het als je er nog niet bent.

Ik weet ook dat er nog veel over kinderen met autisme en hoogsensitieve kinderen te vertellen is. Veel meer dan in dit artikel te vinden is.

Maar dat is voor later.

Ik wens je alle goeds toe bij het verder ontdekken van hoe jouw kind in elkaar steekt.

Want: jouw kind in balans = jij in balans….!❤❤

Wil je jouw hoogsensitieve kind nog beter leren kennen?

Wil je mijn meest succesvolle oefeningen en tools krijgen om met problemen zoals een fixed mindset, te veel piekeren en weinig zelfvertrouwen te verminderen? Speciaal voor ouders als jij heb ik het online programma Grip op hoogsensiviteit ontwikkeld. Neem gerust een kijkje en lees ook wat andere ouders ervan vinden. 🧐

Spreek je snel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.