Hoogsensitief kind

Hoe herken je een hoogstimulatief kind?

Heb jij een gevoelig kind, maar herken je je maar ten dele in het plaatje van een typsich hoogsensitief kind? Bijvoorbeeld omdat jouw kind niet verlegen is, maar juist heel beweeglijk en met een duidelijke eigen mening die hij niet onder stoelen of banken steekt? Gaat jouw kind eerder grenzen over dan dat het ze respecteert? Dit artikel gaat over dat kind dat zeker gevoelig is, maar toch niet op alle fronten hetzelfde is als andere hoogsensitieve kinderen. Misschien gaat dit artikel wel over jouw kind!

Als je een kind hebt dat enerzijds hoogsensitief is en anderzijds bijvoorbeeld intense ervaringen opzoekt dan zul je vast gemerkt hebben dat de opvoeding niet altijd even makkelijk is. Want moet je nou minder activiteiten aanbieden of juist meer? Ga je op je strepen staan als ze iets persé wil of laat je het? Wellicht loop je er ook tegen aan dat niet iedereen ziet dat jouw kind ook een sensitieve kant heeft. Of twijfel je zelf ook aan wat er nu werkelijk speelt, want is het niet toch AD(H)D? Dit artikel geeft meer duidelijkheid en herkenning over dit type hoogsensitieve kind. Kan je niet wachten om er achter te komen of jouw kind een HSK-HSS is, doen dan meteen de test:

Twee typen hoogsensitieve kinderen

Hoewel het vaak gaat over het hoogsensitieve kind met een geremd karakter, bestaan er ook hoogsensitieve kinderen die juist geen rust, maar actie nodig hebben. Dr. Elaine Aron, de grondlegster van hoogsensitiviteit, noemt dit type hoogsensitieve kind Hoogsensitieve High Sensation Seekers (HSK-HSS). Deze kinderen combineren het temperament van het hooggevoelige kind met de behoefte aan sensaties en nieuwe ervaringen. Ongeveer 30% van de hoogsensitieve kinderen kenmerkt zich als zodanig. Het landelijk informatiepunt Hoog Sensitieve Kinderen (LiHSK) noemt dit type kind ‘hoogstimulatief’. Gerarda van der Veen, één van de eigenaren van het LiHSK, is auteur van het boek ‘gevoeligheid in de klas’ en omschrijft in dit boek het hoogstimulatieve kind als volgt:

“Een hoogstimulatief kind merkt veel op in zijn omgeving. Alles wat hij waarneemt maakt iets los in hem en dat geeft een behoefte om in beweging te komen. Hij moet handelen, hij moet iets doen. Als hij twee kinderen op het schoolplein ruzie ziet maken, voelt hij zich onrustig worden, wil hij erop af, wil hij meedoen of ingrijpen of er iets van zeggen. Dat maakt hem beinvloedbaar. Want bij alles wat hij opmerkt ontstaat een stimulering van gedrag, zowel fysiek, emotioneel als mentaal. Hij wil in actie komen, plotseling opkomende emoties (boosheid, verontwaardiging) moeten er uit, zijn hoofd zit vol gedachten”.

In dit artikel gebruik ik zowel de termen hoogstimulatief als HSK-HSS als ik het over een hoogsensitief kind heb dat in hoge mate behoefte heeft aan sensaties.

Wat high sensation seeking inhoudt

Oké, er bestaan dus hoogsensitieve kinderen die in hoge mate zoeken naar sensaties, maar wat betekent ‘in hoge mate zoeken naar sensaties’? Om deze vraag te kunnen beantwoorden kom je al gauw uit op de Sensation Seekers Scale van Martin Zuckerman. Hij laat zien dat niet iedereen dezelfde behoefte heeft aan nieuwe prikkels en heeft een vragenlijst ontworpen die deze behoefte in kaart brengt. Er worden een aantal zaken gemeten die bepalen of je een High Sensation Seeker bent.

  • Het gaat om de mate waarin je ongeremd bent en risico’s neemt,
  • de behoefte die je hebt aan nieuwe ervaringen,
  • de behoefte die je hebt aan fysieke kicks en
  • in hoeverre je je snel verveelt.

Even voor de duidelijkheid: hoewel het internet anders doet vermoeden, er zijn dus ook mensen die ‘alleen’ een high sensation seeker zijn en niet ook nog eens hoogsensitief. Sterker nog, meer niet-HSP zijn HSS dan dat HSP tevens HSS zijn. Toch is het wel verwarrend, want op internet lijkt het alsof de High Sensation Seeker altijd hoogsensitief is. Dit is dus niet zo. Voor hoogsensitieve volwassenen is er ook een HSS-test ontwikkeld die net iets afwijkt van de test van Martin Zuckerman. De kern is echter wel hetzelfde. Nieuwsgierig of jijzelf een HSP-HSS bent? Klik hier voor de HSP-HSS test voor volwassenen.

Kenmerken hoogstimulatief kind

Als we de eigenschap hoogsensitiviteit combineren met de behoefte aan sensaties dan krijgen we een kind die o.a. zowel drang naar actie heeft als alles wil overdenken. En die behoefte heeft aan snelheid en toch ook nog ergens de vele opgemerkte prikkels moet zien te verwerken. Een interessante en ook complexe combinatie. Hieronder volgt een lijstje met een aantal kenmerken van het hoogstimulatieve kind. Een HSK-HSS:

  • denkt diep na
  • probeert alle consequenties van een actie te overzien
  • wil het goed doen (voor anderen)
  • merkt meer op in de omgeving
  • kan zich goed inleven in anderen
  • heeft de behoefte om nieuwe dingen te ontdekken
  • verveelt zich vaak snel en vaak
  • houdt van veranderingen en vernieuwingen
  • houdt van fysieke uitdagingen

Roekeloos gedrag bij hoogstimulatieve kinderen?

In de praktijk zie je dat HSK-HSS niet vaak roekeloos gedrag laten zien en dat ze geen onnodige risico’s nemen. De foto bovenaan deze blog suggereert dit wel, maar het tegendeel is waar. Ja, ze kunnen er beter mee leven (dan HSP die niet hoogstimulatief zijn) dat ze niet alle risico’s kunnen overzien, maar ze denken wel degelijk van te voren na over de mogelijke consequenties. Hele domme en gevaarlijke dingen zullen ze dan ook niet gauw doen. Als we kijken naar de aspecten die Martin Zuckerman meet dan scoren ze vooral hoog op verveling en hoog op drang naar nieuwe ervaringen. Voor meer over de volwassen HSP-HSS raad ik je het boek Prikkels bijten niet van Saskia Klaaysen aan.

Altijd extravert en een sterke wil?

Vaak wordt gedacht dat hoogstimulatieve kinderen ook extravert zijn en over een sterke wil beschikken. Het is denk ik goed om dit beeld te nuanceren. Hoewel dr. Elaine Aron namelijk destijds dacht dat dit type kind extravert zou zijn, heeft ze dit later herzien en ook recent onderzoek van Saskia Klaaysen laat een ander beeld zien. Uit haar onderzoek blijkt dat 60% van de hoogsensitieve (volwassen) sensatiezoekers aangeeft zich meer in introvertie te herkennen dan in extravertie. Uit een onderzoek van Esther Bergsma blijkt tevens dat slechts 4% van de hooggevoelige mensen zich herkennen in het beeld van hooggevoelig + extravert + prikkelzoekend + wilskrachtig. Wel herkennen ze zich in bijvoorbeeld hooggevoelig + één tot enkele van de genoemden eigenschappen. Een sterke wil kan dus ook voorkomen in combinatie met hoogsensitiviteit, maar dit beeld zien we niet zo heel veel terug. We zien het wel vaker bij de hoogbegaagde HSP en bij de de HSP-HSS die zelfstandige is.

Wil je meer lezen over hoogsensitieve kindere met een sterke wil, kijk dan hier.

Een hoogstimulatief kind raakt makkelijk overprikkeld.

Je kan je voorstellen dat een kind met deze eigenschappen in een innerlijk conflict kan komen met zichzelf.  De drang naar actie wringt gergeld met de behoefte om situaties grondig te analyseren en te overdenken. De behoefte aan nieuwe prikkels kan ook botsen met wat anderen willen. Hoe maak je goede keuzes als je het graag voor iedereen goed doet, maar de behoefte aan actie wint? Wat het extra lastig maakt is dat hoewel een hoogstimulatief kind tijd nodig om zaken te verwerken, het juist vaak weer door gaat naar de volgende nieuwe ervaring. Hierdoor komen er nog meer prikkels binnen die ook weer verwerkt moeten worden. En ja, dan kan er overprikkeling ontstaan. Als dit zo is, dan zie je dat een kind even niet meer verder kan met waar het mee bezig was. Het ene kind trekt zich dan terug, het andere raakt hyper en weer een ander wordt boos of intens verdrietig.

Een hoogstimulatief kind raakt makkelijk onderprikkeld.

Naast overprikkeling is onderprikkeling ook een serieus fenomeen om rekening mee te houden bij een HSK-HSS. Een kind dat nieuwe ervaringen nodig heeft maar deze niet krijgt raakt gemakkelijk onderprikkeld. Van onderprikkeling kan je je lamlendig gaan voelen, down, sjagrijnig of boos. Het betekent dat je brein te weinig prikkels krijgt om goed te kunnen functioneren. De kunst is om een hoogstimulatief kind te voorzien van voldoende prikkels en nieuwe ervaringen en tegelijkertijd rekening te houden met de mogelijkheid van overprikkeling.

Een hoogstimulatief kind kan heel boos worden.

Hoogstimulatieve kinderen reageren hun emoties vaker naar buiten toe dan een hoogsensitief kind dat niet tevens hoogstimulatief is. Deze boosheid richt zich vaak op anderen en pas in latere instantie eventueel naar zichzelf toe.

“Als mijn kind verdrietig of bang is, wordt hij vaak boos. Hoe tegenstrijdig dit ook klinkt. Ik neem hem op schoot en knuffel hem. Vervolgens komt de ware emotie naar boven. Voorheen werd ik boos en gaf ik hem straf, maar nu bespreken we duidelijk zijn gedrag als hij gekalmeerd is. Het was even wennen en voelde heel tegen strijdig, maar wat een wereld van verschil!”

Het hoogstimulatieve kind lijkt niet altijd even sensitief!

De hoogsensitieve kant van een hoogstimulatief kind is (voor de buitenwereld)  niet altijd goed zichtbaar. Een kind dat al aan het werk gaat voordat de juf is uitgesproken, altijd op geruzie in de klas reageert en zijn hand niet omdraait voor een presentatie voor een groot publiek lijkt ogenschijnlijk namelijk helemaal niet zo gevoelig. We kunnen ons soms maar moeilijk voorstellen dat dit kind ’s avonds wakker ligt van het geruzie in de klas en er behoorlijk last van heeft dat bijvoorbeeld zijn moeder overwerkt is. Om het extra ingewikkeld te maken: het gedrag van een HSK-HSS heeft daarnaast ook overlap in gedrag met kinderen met AD(H)D en met kinderen die hoogbegaafd zijn.

Is jouw hoogsensitieve kind ook zo druk?

Een hoogstimulatief kind is vaak heel enthousiast, heeft zin om aan de slag te gaan en heeft weinig op met rustig doen en geduldig zijn. Het zijn echte doeners en ze reageren vaak impulsief.  Ze zijn soms ook slordig en duwen gerust de halve klas opzij als ze hun broodtrommel moeten pakken. Niet omdat ze iedereen pijn willen doen, maar omdat ze gewoon zin hebben in hun lunch! En omdat even in beweging komen na 20 minuten kring ze heel goed doet. Alleen vergis je niet: ze hebben wél van te voren nagedacht. Alleen ging dat razendsnel. En ze willen absoluut niet anderen pijn doen. Hun drang naar sensaties is gewoon sterker.

Een hoogsensitief kind gaat ‘uit’ en een hoogstimulatief kind gaat ‘aan’

Als een hoogsensitief kind overprikkeld raakt zie je vaak dat deze ‘uit’ gaat. Hij trekt zich terug, kan niets meer hebben en voelt zich in het moment van overprikkeling ongelukkig en ellendig worden. Een hoogstimulatief kind gaat eerder op ‘aan’ als hij overprikkeld raakt. In het moment voelt hij de overprikkeling niet zo goed en gaat hierdoor alleen maar meer reageren op binnenkomende prikkels. Hij wordt fanatieker en gaat nog sneller praten. Pas later, als ook het hoogstimulatieve kind niet meer onder de overprikkeling uit kan, gaat dit kind pas echt voelen. Je ziet bij het hoogstimulatieve kind dat overprikkeling ook vaker naar buiten en naar de ander toe is gericht i.p.v. naar binnen en naar zichzelf toe gericht. Oefeningen die gericht zijn op het vergroten van het lichaamsgevoel helpen jouw kind om sneller bij zich te voelen wat hij nodig heeft. Klik hier voor meer informatie over lichaamsgerichte oefeningen.

Sterke wil? Stuur je hoogstimulatieve kind gerust zonder jas de regen in.

Een hoogstimulatief kind kan soms een sterke wil hebben. Hoewel er nog weinig onderzoek gedaan is naar deze combinatie zijn het in de praktijk vaak de hoogbegaafde hoogstimulatieve kinderen die een sterke wil laten zien. Een sterke wil is in veel opzichten voordelig, maar is bij het opvoeden vaak ingewikkeld. Als een hoogstimulatief kind met een sterke wil het bijvoorbeeld in zijn hoofd heeft dat hij in de zomer met zijn regenlaarzen naar school wil of weigert een spreekbeurt te doen dan kan dit makkelijk tot een flinke strijd leiden. Maar wees eens eerlijk: zijn dit echt de dingen waar je ruzie over wil maken met elkaar? Vertrouw je hoogstimulatieve kind erop dat als je hem in regenlaarzen naar school laat gaan, dat dit niet voor eeuwig zal zijn. Vertrouw er tevens op dat als je je tegenover de leerkracht hard maakt dat jouw zoon deze ronde niet meedoet aan de spreekbeurt dat hij dit heel erg zal waarderen en goed snapt dat hij met een volgende spreekbeurtronde wel weer een stap zal moeten maken. Vergeet vooral niet dat een hoogstimulatief kind het graag goed doet en het fijn met je wil hebben.

Tot zo ver deze informatie over het hoogstimulatieve kind. Er valt nog veel meer over te schrijven en dat ga ik ook zeker nog doen, maar dan in een ander artikel. Mocht je meer willen weten, dan raad ik je aan om een boek hierover te lezen. Om meer te weten te komen over hoogsensitiviteit bij volwassenen klik je hier.

Groeten Josja

ps. Als je jezelf of jouw kind herkent in bovenstaand artikel, schroom dan niet om je ervaring met me te delen. Vind ik leuk als je dit doet! Je kan dit hieronder bij de comments doen of door een berichtje acher te laten via Facebook of Instagram.