Hoogsensitief kind

De 9 kenmerken waaraan je een hoogstimulatief kind kunt herkennen

De 9 kenmerken waaraan je een hoogstimulatief kind kunt herkennen

Heb jij een gevoelig kind, maar herken je het niet in alle kenmerken van een hoogsensitief kind?
Bijvoorbeeld omdat jouw kind niet rustig en verlegen is, maar juist beweeglijk en met een eigen mening die hij niet onder stoelen of banken steekt? Misschien gaat dit artikel wel over jouw kind!

Als je wil kan je hier direct een betrouwbare test doen om te kijken of je kind hoogstimulatief is:

Je kind begrijpen

Dit artikel, waar je nu aan begint, is één van mijn best gelezen artikelen. Dat is best logisch. Hoogstimulatieve kinderen zorgen opvoedkundig voor de nodige uitdagingen en als ouder zijnde ga je dan op zoek naar oplossingen. Je wil je kind leren begrijpen en grip krijgen op complex gedrag. Maar het is niet eenvoudig, want het gedrag van een hoogstimulatief kind lijkt op ADHD en hoogbegaafdheid. Daarom schreef ik dit artikel: om je meer duidelijkheid en herkenning te geven over dit type hoogsensitieve kind. Zodat oplossingen straks dichterbij zijn.

Zoek je vooral concrete handvatten hoe met je kind om te gaan, kijk dan  eens bij mijn online programma dat ik hier speciaal voor ontwikkelde.

💡 Ga verder met lezen of ga meteen naar het onderdeel dat je aandacht trekt.

Twee typen hoogsensitieve kinderen

Hoewel het vaak gaat over het hoogsensitieve kind met het geremde karakter, bestaan er ook hoogsensitieve kinderen die juist geen rust, maar actie nodig hebben. Dr. Elaine Aron, de grondlegster van hoogsensitiviteit, noemt dit type hoogsensitieve kinderen Hoogsensitieve High Sensation Seekers. Afgekort HSP-HSS, waarbij HSP voor Hoog Sensitief Persoon staat.

Deze kinderen combineren het temperament van het hooggevoelige kind met de behoefte aan sensaties en nieuwe ervaringen. Ongeveer 30% van de hoogsensitieve kinderen kenmerkt zich als zodanig.

Het landelijk informatiepunt Hoog Sensitieve Kinderen (LiHSK) noemt dit type kind ‘hoogstimulatief’. Gerarda van der Veen, één van de eigenaren van het LiHSK, is auteur van het boek ‘gevoeligheid in de klas’ en omschrijft in dit boek het hoogstimulatieve kind als volgt:

“Een hoogstimulatief kind merkt veel op in zijn omgeving. Alles wat hij waarneemt maakt iets los in hem en dat geeft een behoefte om in beweging te komen. Hij moet handelen, hij moet iets doen.

Als hij twee kinderen op het schoolplein ruzie ziet maken, voelt hij zich onrustig worden, wil hij erop af, wil hij meedoen of ingrijpen of er iets van zeggen. Dat maakt hem beinvloedbaar. Want bij alles wat hij opmerkt ontstaat een stimulering van gedrag, zowel fysiek, emotioneel als mentaal.

Hij wil in actie komen, plotseling opkomende emoties (boosheid, verontwaardiging) moeten er uit, zijn hoofd zit vol gedachten”.

In dit artikel gebruik ik beide termen hoogstimulatief en HSK-HSS door elkaar.

Wat high sensation seeking inhoudt

Oké, er bestaan dus hoogsensitieve kinderen die in hoge mate zoeken naar sensaties, maar wat betekent dit precies? Om deze vraag te kunnen beantwoorden kom je al gauw uit op de Sensation Seekers Scale van Martin Zuckerman.

Hij laat zien dat niet iedereen dezelfde behoefte heeft aan nieuwe prikkels en hij heeft een vragenlijst ontworpen die deze behoefte in kaart brengt. Er worden een aantal zaken gemeten die bepalen of je een High Sensation Seeker bent. Hieronder de belangrijkste:

          • Het gaat om de mate waarin je ongeremd bent en risico’s neemt,
          • de behoefte die je hebt aan nieuwe ervaringen,
          • de behoefte die je hebt aan fysieke kicks en
          • in hoeverre je je snel verveelt.

Even voor de duidelijkheid: hoewel het internet anders doet vermoeden, er zijn dus ook kinderen die ‘alleen’ een high sensation seeker zijn en niet ook nog eens hoogsensitief.

Sterker nog, meer niet-HSP zijn HSS dan dat HSP tevens HSS zijn. Toch is het wel verwarrend, want op internet lijkt het alsof de High Sensation Seeker altijd hoogsensitief is. Dit is dus niet zo.

Voor hoogsensitieve volwassenen is er ook een HSS-test ontwikkeld die net iets afwijkt van de test van Martin Zuckerman. De kern is echter wel hetzelfde. Nieuwsgierig of jijzelf een HSP-HSS bent? Klik hier voor de HSP-HSS test voor volwassenen.

Kenmerken hoogstimulatief kind

Als we de eigenschap hoogsensitiviteit combineren met de behoefte aan sensaties dan krijgen we een kind dat  o.a. zowel drang naar actie heeft als dat het alles wil overdenken. En die behoefte heeft aan snelheid en toch ook nog ergens de vele opgemerkte prikkels moet zien te verwerken. Een interessante en ook complexe combinatie.

Hier volgt een lijstje met 9 kenmerken van het hoogstimulatieve kind. Een HSK-HSS:

          • denkt diep na
          • probeert alle consequenties van een actie te overzien
          • wil het goed doen (voor anderen)
          • merkt meer op in de omgeving
          • kan zich goed inleven in anderen
          • heeft de behoefte om nieuwe dingen te ontdekken
          • verveelt zich vaak snel en vaak
          • houdt van veranderingen en vernieuwingen
          • houdt van fysieke uitdagingen

Hieronder licht ik alle 9 kenmerken waaraan je een hoogstimulatief kind kunt herkennen toe.

1. Denkt diep na

Net als het hoogsensitieve kind kenmerkt een hoogstimulatief kind zich doordat het informatie diepgaand verwerkt. Dat wil zeggen dat alle informatie die binnenkomt via de zintuigen niet vluchtig, maar eerder intens ervaart.

Een geluid bijvoorbeeld komt harder binnen en een spijkerbroek voelt echt hard aan de benen aan. Deze prikkels (lees:informatie), maar ook sociale prikkels komen worden intenser ervaren.

Met sociale prikkels bedoel ik o.a. de verwachtingen die anderen van je hebben. Als de juf zegt dat alle kinderen hun best moeten doen omdat ze het jammer zou vinden als de klas de toets slecht maakt, wordt dit vaak heel serieus genomen door een hoogstimulatief kind.

Een hoogstimulatief kind wil het goed doen en gaat steeds op zoek naar de beste oplossing voor een probleem. Dit zoeken naar de beste oplossing zie je terug bij deze kinderen doordat ze diep na denken.

Let op: waar je dit diepe denken bij een hoogsensitief kind makkelijk terug ziet in het gedrag van het kind, zie je dit bij een hoogstimulatief kind niet altijd even snel. Als ouder merk je dit echter wel doordat ook dit type kind in bed vaak piekert bijvoorbeeld.

2. Probeert alle consequenties van een actie te overzien

Ik gaf het hierboven al aan: een hoogstimulatief kind is steeds op zoek naar de beste oplossing voor een probleem. Het wil het graag zo oplossen dat iedereen tevreden is en probeert in zijn zoektocht te overzien wat alle consequenties kunnen zijn van een oplossing.

3. Wil het goed doen (voor anderen)

Het goed willen doen is een belangrijk kenmerk dat bij hoogsensitiviteit hoort. Hoogsensitieve kinderen maken liever geen fouten, maar maken het graag iedereen naar de zin.

Ook het hoogstimulatieve kind zit zo in elkaar. Alleen gaat het wel eens mis omdat de drang naar actie het wint van het verlangen om het goed te doen. Als het kind dan een keuze heeft gemaakt waar niet iedereen blij van wordt kan het zich daar vervolgens erg rot over voelen.

Ook al een hoogstimulatief kind een sterke wil heeft zie je niet altijd terug dat dit kind het goed wil doen. Dit komt dan omdat de eigen wil als het ware ‘voor’ het goed willen doen komt.

4. Merkt meer op in de omgeving

Ook dit kenmerk zie je zowel bij het hoogsensitieve kind dat een rustig temperament heeft als bij het hoogstimulatieve kind. Het is niet zo dat deze kinderen alles bewust opmerken, maar wetenschappelijke onderzoeken tonen wel aan dat het brein van een hoogsensitief persoon meer informatie waarneemt.

Zo wordt er meer breinactiviteit gemeten in verschillende hersengebieden als een hoogsensitief persoon naar een schilderij kijkt dan als een persoon ernaar kijkt die deze eigenschap niet heeft.

Dit opmerken gebeurt voor een deel ook onbewust, maar zorgt ervoor dat er meer prikkels verwerkt moeten worden. En hier ontstaat dan ook vaak het probleem: er ontstaat filevorming in het brein. Er is niet genoeg capaciteit om alles op tijd te verwerken. En tadaa, overprikkeling ontstaat.

5. Kan zich goed inleven in anderen

Dit kenmerk is aan de buitenwacht wel eens lastig uit te leggen. Maar het is toch echt zo: hoogstimulatieve kinderen kenmerken zich door het hebben van een sterk inlevingsvermogen! Dit betekent dat ze zich kunnen inleven in hoe een ervaring voor iemand anders is en voelt.

Dat ze hier zo goed in zijn heeft te maken met spiegelneuronen dat actief is in het brein. Dit zorgt ervoor dat ze echt kunnen voelen wat een ander voelt.

Hoewel buitenstaanders of leerkrachten dit kenmerk niet altijd even goed waarnemen, temeer omdat het soms eerder lijkt alsof het de eigen wil voorop heeft staan, hoort dit er dus ook bij.

Dit kenmerk herken je bijvoorbeeld aan:

          • diep geraakt worden door een film of een lied
          • meevoelen als een ouder verdriet heeft
          • intens verdriet ervaren om het overlijden van een huisdier
          • van streek raken van iets dat ze op tv zien
          • doorhebben dat je nu een grapje niet maakt, omdat de ander zich nu niet zo fijn voelt.
          • niet voor je eigen belang gaan, omdat je weet dat je daarmee een ander boos maakt.
6. Heeft de behoefte om nieuwe dingen te ontdekken

Het zesde kenmerk dat bij een hoogstimulatief kind hoort zie je juist veel minder terug bij het hoogsensitieve kind. Deze kinderen zoeken eerder rust en raken in de stress van veranderingen. Ze houden het liever bij het oude.

Het hoogstimalitieve kind echter heeft echter nieuwe ervaringen nodig om zich goed te kunnen voelen. Bij een nieuwe uitdaging denkt het razendsnel diep na over alle gevolgen die er zouden kunnen zijn, en dan gaat hij ervoor!

Het maakt hem gelukkig om iets nieuws te leren, een nieuw spel te ontdekken of bijvoorbeeld een nieuwe fiets uit te proberen.

7. Verveelt zich vaak snel en vaak

Juist omdat een hoogstimulatief kind uitdagingen en nieuwe ervaringen zo hard nodig heeft zie je ook dat het zich snel gaat vervelen als ze uitblijven. Waar een hoogsensitief kind zich vaak uren thuis kan vermaken, vindt dit kind het al gauw saai.

Dit kind krijgt dan te weinig prikkels binnen en raakt onderprikkeld.  Onderprikkeling is dan ook een serieus fenomeen om rekening mee te houden bij een HSK-HSS.

Van onderprikkeling kan je je lamlendig gaan voelen, down, sjagrijnig of boos. Het betekent dat je brein te weinig prikkels krijgt om goed te kunnen functioneren.

De kunst is om een hoogstimulatief kind te voorzien van voldoende prikkels en nieuwe ervaringen en tegelijkertijd rekening te houden met de mogelijkheid van overprikkeling.

8. Houdt van veranderingen en vernieuwingen

Dit kenmerk lijkt wat op het eerder genoemde kenmerk ‘heeft behoefte om nieuwe dingen te ontdekken’, maar wordt toch apart genoemd. Je zou bijna zeggen dat dit een logisch gevolg is van de behoefte om nieuwe dingen te ontdekken.

Om er een beeld bij te krijgen en de tegenstelling helder neer te zetten:

Een hoogsensitief kind raakt in paniek bij een verhuizing, een hoogstimulatief kind kijkt er naar uit! En ook hier geldt weer, blijven de veranderingen en vernieuwingen uit, dan gaat het zich al gauw vervelen.

9. Houdt van fysieke uitdagingen

Een laatste kenmerk wat je tegenkomt bij het hoogstimulatieve kind is dat ze er vaak heel bij van worden als ze fysieke uitdagingen aan kunnen gaan.

Wat dacht je van raften op een kolvende rivier, moutainbiken in de bossen en Free Runnen door de buurt? Een hoogstimulatief kind wordt hier blij van. Een hoogsensitief kind niet?

Nee, zo zwart wit is het niet. Maar ik geloof niet dat ik veel rustige hoogsensitieve kinderen ken die willen raften op een kolvende rivier. Ook niet als ze gezegd wordt dat ze niks kan gebeuren en de instructeur naast ze zit.

Maar ik ken er wel een paar die van Free Runnen houden. Het verschil zit in de mate van risico’s nemen. Dat doet een hoogsensitef kind niet zo gauw, maar een hoogstimulatief kind wel.

Zijn hoogstimulatieve kinderen roekeloos?

De 9 kenmerken van het hoogstimulatieve kind zijn hierboven aan bod gekomen, maar ik ben nog niet uitgeschreven! Ik wil je graag nog meer informatie geven en je  een zo’n compleet mogelijk beeld schetsen van het hoogstimulatieve kind.

Lees dus vooral nog door als je meer te weten wil komen.

In de praktijk zie je dat HSK-HSS (weet je nog, hiermee bedoel ik het hoogstimulatieve kind) niet vaak roekeloos gedrag laten zien en dat ze geen onnodige risico’s nemen. Hoewel dit wel kenmerkend is bij de high sensation seeker die niet tevens hoogsensitief is. Die laten vaak juist wél roekeloos gedrag zien.

Ja, ze kunnen er beter mee leven (dan HSP die niet hoogstimulatief zijn) dat ze niet alle risico’s kunnen overzien, maar ze denken wel degelijk van te voren na over de mogelijke consequenties. Hele domme en gevaarlijke dingen zullen ze dan ook niet gauw doen.

Voor meer over de volwassen HSP-HSS raad ik je het boek Prikkels bijten niet van Saskia Klaaysen aan.

Extravert of introvert?

Vaak wordt gedacht dat hoogstimulatieve kinderen ook extravert zijn en over een sterke wil beschikken. Het is denk ik goed om dit beeld te nuanceren.

Hoewel dr. Elaine Aron namelijk destijds dacht dat dit type kind extravert zou zijn, heeft ze dit later herzien en ook recent onderzoek van Saskia Klaaysen laat een ander beeld zien. Uit haar onderzoek blijkt dat 60% van de hoogsensitieve (volwassen) sensatiezoekers aangeeft zich meer in introvertie te herkennen dan in extravertie.

Snel overprikkeld

Je kan je voorstellen dat een kind dat hoogsensitief is als kenmerken van een high sensation seeker in zich heeft in een innerlijk conflict kan komen met zichzelf.  De drang naar actie wringt geregeld met de behoefte om situaties grondig te analyseren en te overdenken.

De behoefte aan nieuwe prikkels kan ook botsen met wat anderen willen. Hoe maak je goede keuzes als je het graag voor iedereen goed doet, maar de behoefte aan actie wint? Wat het extra lastig maakt is dat hoewel een hoogstimulatief kind tijd nodig om zaken te verwerken, het juist vaak weer door gaat naar de volgende nieuwe ervaring.

Hierdoor komen er nog meer prikkels binnen die ook weer verwerkt moeten worden. En ja, dan kan er overprikkeling ontstaan. Als dit zo is, dan zie je dat een kind even niet meer verder kan met waar het mee bezig was. Het ene kind trekt zich dan terug, het andere raakt hyper en weer een ander wordt boos of intens verdrietig.

Aan de ene kant heb je dus de drang naar actie en aan de andere kant is er ook die gevoeligheid: voor falen, maar ook voor harde geluiden en bijvoorbeeld voor pijn. Als jouw kind veel stress en overprikkeling ervaart dan raad ik je aan om hier serieus mee aan de slag te gaan. Mijn online programma Grip op Hoogsensitiviteit heb ik hiervoor speciaal gemaakt en helpt jou en je kind om overprikkeling te verminderen en tegen te gaan. Kijk gerust eens voor meer informatie. 

Snel boos

Hoogstimulatieve kinderen reageren hun emoties vaker naar buiten toe dan een hoogsensitief kind. Deze boosheid richt zich vaak op anderen en pas in latere instantie naar zichzelf toe.

“Als mijn kind verdrietig of bang is, wordt hij vaak boos. Hoe tegenstrijdig dit ook klinkt. Ik neem hem op schoot en knuffel hem. Vervolgens komt de ware emotie naar boven.

Voorheen werd ik boos en gaf ik hem straf, maar nu bespreken we duidelijk zijn gedrag als hij gekalmeerd is. Het was even wennen en voelde heel tegen strijdig, maar wat een wereld van verschil!”

Het lijkt niet altijd even sensitief

Ik noemde het al: de hoogsensitieve kant van een hoogstimulatief kind is (voor de buitenwereld)  niet altijd goed zichtbaar.

Een kind dat al aan het werk gaat voordat de juf is uitgesproken, altijd op geruzie in de klas reageert en zijn hand niet omdraait voor een presentatie voor een groot publiek lijkt ogenschijnlijk namelijk helemaal niet zo gevoelig.

We kunnen ons soms maar moeilijk voorstellen dat dit kind ‘s avonds wakker ligt van het geruzie in de klas en er behoorlijk last van heeft dat bijvoorbeeld zijn moeder overwerkt is.

Om het extra ingewikkeld te maken: het gedrag van een HSK-HSS heeft daarnaast ook overlap in gedrag met kinderen met AD(H)D en met kinderen die hoogbegaafd zijn.

Is jouw kind ook zo druk?

Een hoogstimulatief kind is vaak heel enthousiast, heeft zin om aan de slag te gaan en heeft weinig op met rustig doen en geduldig zijn. Het zijn echte doeners en ze reageren vaak impulsief.

Ze zijn soms ook slordig en duwen gerust de halve klas opzij als ze hun broodtrommel moeten pakken. Niet omdat ze iedereen pijn willen doen, maar omdat ze gewoon zin hebben in hun lunch! En omdat even in beweging komen na 20 minuten kring ze heel goed doet.

Alleen vergis je niet: ze hebben wél van te voren nagedacht. Alleen ging dat razendsnel. En ze willen absoluut niet anderen pijn doen. Hun drang naar sensaties is gewoon sterker.

Hoe overprikkeling eruit ziet bij hoogstimulatief kind

Als een hoogsensitief kind overprikkeld raakt zie je vaak dat deze ‘uit’ gaat. Hij trekt zich terug, kan niets meer hebben en voelt zich in het moment van overprikkeling ongelukkig en ellendig worden.

Een hoogstimulatief kind gaat eerder op ‘aan’ als hij overprikkeld raakt. In het moment voelt hij de overprikkeling niet zo goed en gaat hierdoor alleen maar meer reageren op binnenkomende prikkels.

Hij wordt fanatieker en gaat nog sneller praten. Pas later, als ook het hoogstimulatieve kind niet meer onder de overprikkeling uit kan, gaat dit kind pas echt voelen.

Je ziet bij het hoogstimulatieve kind dat overprikkeling ook vaker naar buiten en naar de ander toe is gericht i.p.v. naar binnen en naar zichzelf toe gericht. Oefeningen die gericht zijn op het vergroten van het lichaamsgevoel helpen jouw kind om sneller bij zich te voelen wat hij nodig heeft. Klik hier voor meer informatie over lichaamsgerichte oefeningen.

Heeft een hoogstimulatief kind altijd een sterke wil?

Een hoogstimulatief kind kan soms een sterke wil hebben, maar meestal niet. Uit een onderzoek van Esther Bergsma blijkt  dat slechts 4% van de hooggevoelige mensen zich herkennen in het beeld van hooggevoelig + extravert + prikkelzoekend + wilskrachtig.

Wel herkennen ze zich vaker in bijvoorbeeld hooggevoelig + één tot enkele van de genoemden eigenschappen. Een sterke wil kan dus  voorkomen in combinatie met hoogsensitiviteit, maar dit beeld zien we niet zo heel veel terug. We zien het wel vaker bij de hoogbegaagde HSP.

Wil je meer lezen over hoogsensitieve kindere met een sterke wil, kijk dan hier.

Tot zo ver deze informatie over het hoogstimulatieve kind. Het zit erop! Ik hoop dat je er veel aan hebt gehad! Mocht je meer willen weten, dan raad ik je aan er meer over te lezen, bijvoorbeeld dit boek en/of eens te kijken of mijn programma bij je zou passen.

Hoi, mijn naam is Josja Koelink en ik help al meer dan 15 jaar ouders van gevoelige kinderen. Ik ben HSP-specialist en ik heb een achtergrond als leidinggevende en autisme-expert in het voortgezet speciaal onderwijs.

Wil jij ook dat jouw kind gelukkig is? Laat mij je helpen! Je kan meedoen aan mijn ouderbegeleidingstrajecten of één van mijn online programma’s volgen, zoals Grip op Hoogsensitiviteit en Schermstrijd.
Laten we je kind gelukkig maken 😊

Spreek je snel!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.